Foto: Caroline van Kappel

Een dagje naar het strand

Column door Caroline van Kappel

Het is heerlijk stil op het strandje in de Lek. Er liggen maar een paar andere bootjes. Het is vroeg in de middag, het water spiegelglad. De koeien houden zich vooralsnog schuil achter de uitgedroogde bosjes iets verderop. Het zijn aardige koeien, we kennen elkaar. Ik weet zeker dat ze nog even langs zullen komen om verkoeling te zoeken in het water. Ik lees mijn boek en af en toe laat ik mezelf te water ondanks de waarschuwingen voor ongedierte en zwemmerseczeem.

Na een poosje meert er een klein rubberen motorbootje aan vlak naast mijn bootje. Vader, moeder, en twee zonen, lijkt me. Er staat zelfs een parasol in. (Hoe blijft die staan in zo'n bootje?) Moeder stapt als eerste uit, met grote plastic tassen en een picknickkleed. Ze deponeert het een en ander pal naast mij op het nagenoeg lege strandje en haalt nog meer strandattributen en zelfs een hele barbecue uit het kleine bootje.

Dan stappen de twee jongens ook uit, ieder met een handdoek, waar ze meteen op gaan zitten. Vader(?) blijft onbeweeglijk achter in het bootje. Moeder spreidt het kleed uit en haalt –onvermoeibaar- nog een koelbox en parasol uit de boot. Vader ziet toe hoe zij het hele décor opbouwt.

De twee jongens lopen naar de boot en halen er allebei een reusachtige zwemband uit om op te blazen. De oudste -een forse, beginnende puber- geeft het al na één minuut op. Het lukt niet, "die band is lek" terwijl hij hem gefrustreerd richting zijn moeder gooit. Ze onderbreekt onmiddellijk haar bezigheden en gaat zitten blazen. De jongen loopt intussen naar het bootje en vraagt de man of hij even iets aan kan geven. De man die dan nog helemaal niks gezegd heeft, en tegen wie ook nog niks gezegd ís, zegt: "nee". De jongen wordt boos: "Geef aan lamzak!" Nog een keer "Nee".

Moeder roept vanaf haar handdoek dat Max toch wel weet "dat zijn vader dat niet kan." Max zegt dat zelfs de zwaarste hartpatiënt dat nog kan. Dan staat vader opeens naast de boot en vraagt of Max een klap wil hebben. Moeder schreeuwt dat Max zich moet gaan schamen. De andere jongen loopt zwijgend met opgeblazen zwemband het water in. Max volgt met de zijne. Vader strompelt naar de kant en laat zich op zijn knieën onder de parasol zakken. Moeder roept richting de jongens in het water: "Pim, ga je morgen met ons mee naar Zandvoort?" Ik hoor het antwoord niet als ik wegvaar.

Meer berichten

Shopbox